Meervoudige identiteit in de klas:
Wat als thuis en school botsen?
In deze les staan we stil bij een thema dat vaak onzichtbaar blijft, maar diep leeft onder jongeren: hoe voelt het als wie je thuis bent, niet helemaal past bij wie je op school moet zijn?
Jongeren bewegen dagelijks tussen verschillende werelden – thuis, school, vrienden, geloof, cultuur. In elke rol gelden andere verwachtingen. Soms vullen die elkaar aan, maar soms botsen ze. Dat kan verwarring geven, of het gevoel dat je je steeds moet aanpassen.
In deze les leren we wat meervoudige identiteit betekent, hoe dat er in de praktijk uitziet, en wat jij als docent kunt doen om ruimte te geven aan al die lagen die jongeren in zich meedragen. Niet om het op te lossen, maar om het te zien, te erkennen en veiliger te maken.
Want juist dát maakt het verschil.
Docent Opdracht
Opdracht 1: Jouw identiteit in lagen
Stap 1: Denk na over de verschillende ‘rollen’ of onderdelen van jouw identiteit.
Denk aan: je werk, thuissituatie, afkomst, geloof, hobby’s, overtuigingen, gender, enzovoort.
Stap 2: Beantwoord de volgende vragen:
- Welke delen van jouw identiteit zijn zichtbaar of voelbaar in je werk als docent?
- Welke delen houd je meer op de achtergrond, bewust of onbewust?
- In welke situaties voelde jij je ooit niet helemaal ‘gezien’ of paste je je aan om ergens bij te horen?
Leerling Activiteit
Tussen Werelden” – Een identiteitsmasker maken
Doel:
Leerlingen laten reflecteren op de verschillende rollen die zij vervullen en de verwachtingen die daarmee gepaard gaan. Zonder dat ze alles hoeven uit te spreken – het beeld staat centraal.
Tijdsduur:
45–60 minuten
Benodigdheden:
- Blanco masker (of sjablonen op papier van een gezicht)
- Stiften, verf, tijdschriften, scharen, lijm, stickers, stofjes
- A4-papier en pennen
- Eventueel rustige muziek op de achtergrond
Stap voor stap beschrijving:
1. Introductie (10 min)
Bespreek kort met de klas dat iedereen verschillende kanten van zichzelf heeft.
Vraag bijvoorbeeld:
- “Ben jij precies dezelfde persoon thuis als op school?”
- “Wat zijn rollen die jij vervult in je leven?”
- Vertel dat we dit vandaag zichtbaar gaan maken in een creatief masker.
2. Uitleg van de opdracht (5 min)
Iedere leerling krijgt (of tekent) een masker met twee zijden:
- Linkerkant: symboliseert wie je bent op school
- Rechterkant: symboliseert wie je thuis bent
Laat ze nadenken over:
- Hoe gedraag ik me op die plek?
- Wat wordt er van mij verwacht?
- Wat voel ik daar vaak?
- Wat laat ik wel of juist niet zien?
Vertel dat het masker symbolisch is – er hoeft niets te worden 'bekend'. Het mag abstract, symbolisch, grappig of serieus zijn. Alles is goed.
3. Creatieve fase (25 min)
Laat leerlingen in stilte of met zachte muziek aan hun masker werken. Geef ze de ruimte en laat weten dat ze het masker niet hoeven toe te lichten als ze dat niet willen.
4. Reflectie (10–15 min)
Wie wil kan kort iets delen over het proces of het eindresultaat.
Gebruik open vragen zoals:
- “Hoe was het om na te denken over je verschillende kanten?”
- “Wat viel je op?”
- “Moet je vaak schakelen tussen die kanten?”
Erken stiltes of korte antwoorden als waardevol – het gaat niet om uitdiepen, maar om zichtbaar maken dat iedereen lagen heeft.
Lesactiviteit: Wie ben ik? – Jouw identiteit in woorden
Stap 1 – Kernwoorden (10 min)
Laat leerlingen minstens 8 woorden opschrijven die iets zeggen over wie ze zijn: rollen, afkomst, interesses, gevoelens, waarden, talen, enz.
Stap 2 – Schrijven (20 min)
Op basis van hun kernwoorden schrijven leerlingen een korte tekst, gedicht of liedje over zichzelf.
Stap 3 – Delen (optioneel, 10–25 min)
Leerlingen mogen hun liedje voordagen als ze dat willen. Reflecteer kort: Wat heb je geleerd over jezelf of een ander?
Vervolgoptie: Maak een klasgedicht, collage of bundel met de teksten.
Tips
Tips voor omgaan met meervoudige identiteit in de klas
- Zie de leerling als geheel – niet als label
Wees je ervan bewust dat elke leerling meerdere kanten in zich heeft: ze zijn meer dan alleen ‘die stille leerling’, ‘de vlotte prater’ of ‘de leerling met die achtergrond’. - Respecteer verschillen in temperament
Sommige leerlingen zijn introvert en hebben meer tijd of rust nodig om zich te uiten. Anderen zijn extraverter en denken pratend. Geef ruimte aan beide stijlen in gesprekken en opdrachten, - Let op cultuurverschillen in communicatie
Niet in elke cultuur is het normaal om je mening te geven, jezelf te prijzen of open te praten over gevoelens. Dwing dat dus niet af. Creëer veiligheid en geef leerlingen alternatieve manieren om zich te uiten (bijv. via schrijven, tekenen of kleinere groepjes). - Normaliseer dat iedereen zich soms anders voelt op school
Praat met de klas over hoe het is om thuis anders te zijn dan op school, zonder dat het meteen ‘probleem’ hoeft te zijn. Zo maak je ruimte voor herkenning en verbinding. - Geef ruimte om jezelf te laten zien – op je eigen manier
Bied opdrachten aan waarin leerlingen zichzelf mogen laten zien, maar zonder druk. - Wees zelf open over verschillen
Laat af en toe iets zien van jouw eigen lagen als mens en professional. Door het voorbeeld te geven, geef je leerlingen onbewust toestemming om dat ook te mogen zijn.





Comments are closed.