• Home
  • Blog
  • Deepfakes in de klas: zo bespreek je echt en nep

Deepfakes in de klas: zo bespreek je echt en nep

deepfakes in de klas

0 comments

Deepfakes in de klas: zo bespreek je echt en nep

Een video van een politicus die iets zegt wat nooit is gebeurd. Een leerling die een AI-stem maakt van zijn docent. Wat een paar jaar geleden nog sciencefiction leek, is nu realiteit. Met AI kun je in een paar minuten realistische foto’s, video’s en stemmen maken. Voor leerlingen is het daardoor lastiger dan ooit om te bepalen of iets echt is of nep. Precies daarom wordt AI-geletterdheid en mediawijsheid steeds belangrijker in het onderwijs. In dit artikel gaan we in op waarom deepfakes een belangrijk onderwerp zijn voor de klas, hoe je het gesprek hierover kunt voeren met leerlingen en delen we praktische ideeën die je direct in je lessen kunt gebruiken.

Waarom zijn deepfakes een belangrijk onderwerp in het onderwijs?

Had je de paus wel eens gezien in een Balenciaga jas? Leerlingen groeien op in een digitale wereld waarin beelden overal zijn. Foto’s en video’s spelen een grote rol in hoe zij informatie krijgen en delen. Tegelijk verandert de technologie achter die beelden snel.

AI-tools maken het steeds makkelijker om realistische foto’s, video’s en stemmen te maken. Wat vroeger alleen kon met professionele software, kan nu vaak met een eenvoudige app. Voor leerlingen betekent dit dat beelden minder vanzelfsprekend betrouwbaar zijn. Een foto kan zijn gemaakt door AI. Een video kan zijn aangepast. En een stem kan worden nagebootst. Dat maakt het voor leerlingen moeilijker om te bepalen wat echt is en wat niet.

Mediawijsheid 

Leerlingen leren al jaren dat niet alles op internet klopt. Vaak ging het daarbij om teksten of berichten die misleidend waren. Met AI wordt dat ingewikkelder. Het gaat niet alleen meer om verkeerde informatie in tekst. Ook beelden en video’s kunnen volledig door AI zijn gemaakt en toch geloofwaardig lijken.

Een video kan iemand woorden laten zeggen die nooit zijn uitgesproken. Een foto kan een gebeurtenis tonen die nooit heeft plaatsgevonden. Voor leerlingen is het daardoor lastiger om informatie op waarde te schatten.

Deepfakes en mediawijsheid in de klas 

Deepfakes maken duidelijk hoe belangrijk mediawijsheid is. Leerlingen moeten leren dat beelden niet altijd een betrouwbaar bewijs zijn. Daarom is het belangrijk dat je in de klas aandacht besteedt aan kritisch kijken naar informatie.

Leerlingen kunnen bijvoorbeeld leren om vragen te stellen zoals:

  • Waar komt dit beeld vandaan?
  • Wie heeft het gemaakt?
  • Waarom is het gemaakt?
  • Zou dit ook door AI gemaakt kunnen zijn?

Door dit soort vragen te stellen, ontwikkelen leerlingen een kritische houding tegenover informatie die ze online tegenkomen. Dat helpt ze om bewuster om te gaan met wat ze zien en delen.

Wat zijn deepfakes eigenlijk?

Een deepfake is een beeld, video of geluidsfragment dat met behulp van AI is gemaakt of aangepast. Het lijkt daardoor alsof iemand iets zegt of doet wat nooit echt is gebeurd. Neem dit voorbeeld van Barack Obama of deze van Emmanuel Macron

AI kan bijvoorbeeld een gezicht in een video vervangen. Ook kan het een stem nabootsen of een volledig nieuw beeld genereren. Daardoor kan een video er heel realistisch uitzien, terwijl de situatie nooit heeft plaatsgevonden. Voor leerlingen kan dat verwarrend zijn. Wat ze zien of horen, lijkt overtuigend. Toch is het niet altijd echt.

Waarom deepfakes zo overtuigend zijn voor leerlingen

AI leert van enorme hoeveelheden beeld en geluid. De technologie analyseert hoe mensen praten, bewegen en kijken. Op basis daarvan kan AI nieuwe beelden en stemmen maken die sterk lijken op de werkelijkheid.

Daardoor kan AI bijvoorbeeld:

  • gezichtsuitdrukkingen nabootsen
  • stemmen kopiëren
  • bewegingen realistisch laten lijken

Voor het menselijk oog wordt het daardoor steeds lastiger om het verschil te zien tussen echt en nep. Dat maakt het belangrijk dat jij leerlingen helpt begrijpen hoe deze technologie werkt. Zodra leerlingen weten dat zulke beelden bestaan en ze begrijpen hoe en waarom ze gemaakt worden, kijken ze vaak al kritischer naar wat ze online tegenkomen.

Hoe worden deepfakes gemaakt?

Deepfakes worden gemaakt met AI-systemen die leren van grote hoeveelheden beeld, video en geluid. De software analyseert bijvoorbeeld hoe een gezicht beweegt wanneer iemand praat, hoe een stem klinkt en hoe gezichtsuitdrukkingen veranderen. Daarna kan de AI deze patronen gebruiken om nieuw beeld of geluid te maken. Zo kan een gezicht in een bestaande video worden vervangen of kan een stem worden nagebootst. Het resultaat lijkt vaak heel realistisch, omdat de AI precies probeert na te doen hoe echte mensen praten en bewegen.

Waarom het belangrijk is dit in de klas te bespreken

Ook als je deepfakes niet bespreekt in je les, komen leerlingen ze tegen. Sociale media worden namelijk overspoeld met beelden en video’s die met AI zijn gemaakt. Denk aan filmpjes op TikTok, video’s op YouTube of beelden die rondgaan op Instagram. Ook in groepsapps worden vaak memes en korte filmpjes gedeeld.

Leerlingen zien deze beelden elke dag. Alleen herkennen ze niet altijd dat er AI achter zit. Juist daarom is het waardevol om het onderwerp in de klas te bespreken. 

Het raakt aan vertrouwen in informatie

Beelden hebben veel invloed op hoe leerlingen informatie beoordelen. Een video of foto voelt vaak overtuigend. Veel mensen gaan ervan uit dat wat je ziet ook echt is. Met AI is dat niet altijd meer het geval. Als leerlingen niet begrijpen hoe zulke beelden kunnen worden gemaakt, kunnen ze informatie verkeerd interpreteren.

Ze kunnen bijvoorbeeld nepnieuws sneller geloven. Ook kunnen ze beelden delen zonder te beseffen dat ze misleidend zijn. In sommige gevallen maken leerlingen zelf deepfakes, zonder stil te staan bij de gevolgen. Daarom is het belangrijk dat leerlingen begrijpen hoe deze technologie werkt.

Het biedt kansen voor kritisch denken in de klas

Deepfakes zijn niet alleen een risico. Ze bieden ook kansen voor onderwijs. Het onderwerp helpt leerlingen om kritisch na te denken over informatie.

Je kunt leerlingen bijvoorbeeld leren om vragen te stellen bij wat ze zien.

  • Waar komt dit beeld vandaan?
  • Wie heeft het gemaakt?
  • Is er bewijs dat het klopt?

Door dit soort vragen te oefenen, ontwikkelen leerlingen een kritische houding. En dat helpt ze om informatie beter te beoordelen in een digitale wereld! 

Hoe start je het gesprek in de klas over deepfakes met leerlingen?

Om het onderwerp deepfakes in de klas te bespreken kun je de volgende 3 stappen volgen. 

1. Begin met een voorbeeld

Een goed gesprek over deepfakes begint vaak met een simpel voorbeeld. Laat je leerlingen een paar beelden of korte video’s zien.

Je kunt bijvoorbeeld drie soorten materiaal gebruiken:

  • een echte foto
  • een foto die met AI is gemaakt
  • een deepfakevideo

Vraag daarna aan de klas: 

  • Welke denken jullie dat echt is?
  • Waarom denk je dat?

Leerlingen reageren hier vaak enthousiast op. Ze proberen aanwijzingen te vinden in het beeld. Soms letten ze op kleine details zoals handen, schaduwen of gezichten.

Zo wordt het onderwerp meteen concreet. Leerlingen merken dat het lastiger kan zijn dan ze eerst dachten.

2. Laat leerlingen hun eerste indruk delen

Laat leerlingen vervolgens hun keuze laten zien. Dat kan door hun hand op te steken of door te stemmen. Bespreek daarna kort hun antwoorden. Vraag bijvoorbeeld waarom een beeld geloofwaardig lijkt. Of wat juist twijfel oproept.

Leerlingen noemen vaak opvallende details. Denk aan vreemde vingers, onnatuurlijke gezichten of bewegingen die niet helemaal kloppen. Of misschien zien ze wel in dat het helemaal niet logisch is dat voetballer Virgil van Dijk een app lanceert ‘waarmee Nederlanders geld kunnen verdienen.’

Door hierover te praten ontdekken leerlingen iets belangrijks. Ons brein trekt vaak snel conclusies op basis van een eerste indruk.

3. Leg daarna pas uit hoe deepfakes werken

Pas nadat leerlingen hebben geraden, kun je uitleggen hoe deepfakes werken.

Je kunt kort bespreken wat AI doet bij het maken van beelden en video’s. Ook kun je uitleggen hoe AI gezichten, stemmen en bewegingen kan nabootsen. Daarmee begrijpen leerlingen beter waarom sommige beelden zo overtuigend zijn.

Door eerst te laten onderzoeken en daarna pas uit te leggen, blijft het onderwerp actief en nieuwsgierig. Het voelt dan minder als theorie en meer als een ontdekking.

Praktische lesideeën over deepfakes

Wil je hier direct mee aan de slag in de klas? Dat kan met deze 4 laagdrempelige en praktische lesideeën.

Lesidee 1: Echt of nep?

Doel: leerlingen kritisch laten kijken naar beelden.

Laat je leerlingen zes tot acht afbeeldingen zien. Gebruik een mix van echte foto’s en beelden die met AI zijn gemaakt. Gebruik bijvoorbeeld ChatGPT of Gemini om een fotorealistisch beeld te maken. 

Tip: vraag ChatGPT of Gemini eerst zelf om een goede prompt te geven voor het maken van fotorealistisch beeld. Gemini zal je dan bijvoorbeeld een prompt als deze geven: 

“Close-up portrait of an elderly man with deep wrinkles, soft natural window lighting, shot on 85mm lens, f/1.8, cinematic film grain, highly detailed skin texture, 8k resolution.”

Het resultaat van deze prompt:

Mediawijsheid in de klas

Vraag leerlingen vervolgens bij elke afbeelding een keuze te maken:

  • echt
  • nep
  • twijfel

Laat leerlingen hun keuze kort toelichten. Vraag bijvoorbeeld welke aanwijzingen ze hebben gebruikt. Letten ze op gezichten, handen, schaduwen of iets anders?

Bespreek daarna samen de antwoorden. Leerlingen merken vaak dat sommige beelden lastig te beoordelen zijn. Dat helpt hen begrijpen dat niet alles wat er realistisch uitziet ook echt is.

Lesidee 2: De deepfake detective

In deze opdracht onderzoeken leerlingen of een beeld of video betrouwbaar is.

Geef leerlingen een lijst met video’s of foto’s, inclusief bron. Zoals deze video van Tom Cruise. Geef leerlingen een korte checklist met vragen. Bijvoorbeeld:

  • Wie heeft dit gemaakt?
  • Waar is het gepubliceerd?
  • Zijn er andere bronnen die dit bevestigen?
  • Ziet er iets onnatuurlijk uit?

Laat leerlingen in kleine groepjes een video of afbeelding bekijken. Ze gebruiken de vragen om het materiaal te onderzoeken.

Bespreek daarna de uitkomsten met de klas. Zo ervaren leerlingen dat het belangrijk is om informatie te controleren en niet alleen af te gaan op wat ze zien.

Lesidee 3: Maak zelf een AI-beeld

Je kunt leerlingen ook laten ervaren hoe eenvoudig AI-beelden gemaakt kunnen worden.

Laat ze een AI-tool gebruiken om een beeld te genereren. Geef bijvoorbeeld een opdracht zoals:

  • “Een giraffe in een klaslokaal.”
  • “Een astronaut op een fiets.”

Bespreek daarna samen het resultaat. Vraag leerlingen hoe makkelijk het was om het beeld te maken en hoe realistisch het eruit ziet.

Dit moment leidt vaak tot een goed gesprek. Leerlingen zien dat beelden snel gemaakt kunnen worden. Daardoor begrijpen ze beter waarom het belangrijk is om kritisch te kijken naar beelden online.

Lesidee 4: Wat kan er misgaan?

Naast techniek is het belangrijk om ook stil te staan bij de gevolgen van deepfakes.

Je kunt leerlingen situaties voorleggen, zoals:

  • iemand maakt een nepvideo van een klasgenoot 
  • een politicus wordt verkeerd afgebeeld
  • een nepnieuwsbericht verspreidt zich snel

Laat leerlingen bespreken wat er in zulke situaties kan gebeuren. Vraag bijvoorbeeld welke gevolgen dit kan hebben en wie verantwoordelijk is. Het is ze wellicht al eens overkomen, of iemand in hun omgeving. Dit kan ernstige gevolgen hebben en het kan zelfs leiden tot oplichting en chantage. Zo zijn er voorbeelden bekend van jongeren die worden afgeperst met deepfake video’s waarin ze bijvoorbeeld seksuele handelingen verrichten. Wordt er niet betaald, dan worden de beelden gepubliceerd. 

Door dit met elkaar te bespreken denken leerlingen na over de ethische kant van technologie. Ze ontdekken dat het niet alleen gaat om wat technisch mogelijk is, maar ook om hoe je technologie gebruikt.

Niet alles wantrouwen, wel kritisch kijken

Het doel van deze lessen is niet dat leerlingen alles gaan wantrouwen wat ze online zien. Het doel is dat ze leren om bewuster te kijken naar informatie en zich ook bewuster zijn van de mogelijke gevolgen van deepfakes.

Je helpt leerlingen om vragen te stellen bij beelden en video’s. Bijvoorbeeld waar iets vandaan komt en wie het heeft gemaakt. Zo leren ze deze vraag zelf te stellen wanneer ze online iets tegenkomen. 

Leerlingen kunnen ook leren om bronnen te controleren. Klopt de informatie met andere berichten? Is het beeld op meerdere plekken te vinden? Of komt het alleen van één bron? Door dit soort vragen te stellen, leren leerlingen om informatie stap voor stap te beoordelen.

In een wereld waarin AI steeds realistischer wordt, is kritisch denken een belangrijke vaardigheid. Leerlingen hebben die vaardigheid nodig om informatie beter te begrijpen. Deepfakes laten zien hoe snel technologie verandert. Wat een paar jaar geleden nog moeilijk was, kan nu met een paar klikken gemaakt worden. Moet je je voorstellen hoe dat over een paar jaar vanaf nu zal gaan!

Wil je meer leren over mediawijsheid of AI-geletterdheid in?

In onze training Mediawijsheid ontdek je hoe je met leerlingen kunt praten over onderwerpen zoals deepfakes, nepnieuws en online betrouwbaarheid. Je krijgt praktische werkvormen en lesideeën die je direct kunt toepassen in de klas.

Wil je daarnaast ook bijgeschoold worden over AI-geletterdheid en leren hoe je AI verantwoord inzet in het onderwijs? Doe dan mee met onze training AI in de klas. Daarin laten we zien hoe AI werkt, wat de kansen en risico’s zijn en hoe je leerlingen helpt om er kritisch en bewust mee om te gaan.

Zo blijf je als docent up-to-date met nieuwe technologie en help je leerlingen om zich beter te bewegen in een digitale wereld.

About the Author

Follow me


Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met

{"email":"Email address invalid","url":"Website address invalid","required":"Required field missing"}